We ontmoeten elkaar bij het ontmoetingspunt (een beeldje met een rondkijkende reiziger) in het midden van de hal van het Centraal Station te Utrecht. Iedereen was op tijd. En dat was bijzonder, want de treinen vanaf Den Bosch reden niet.
Op het station stonden Bertus en Jopie ons al op te wachten. Bij hen stond Jaap van Beesten (een neef van mij) om ons welkom te heten en ons wat van de stad te laten zien.
We liepen via de Mariaplaats (en bekeken daar de Pandhof) naar de Mariahoek. Daar (achter de huizen en verscholen achter een muur met een poort met een deur) was een schuilkerk verborgen. Die was bestemd voor de in 1580 na de Reformatie verboden Rooms Katholieke Kerk. Die schuilkerk stond naast de plaats waar de Mariakerk stond. De Mariakerk was één van de vijf kerken die tussen 1050 en 1100 in Utrecht gebouwd werden. We kwamen langs de huizen die gebouwd waren op de grond van de woningen van de vroegere kanunniken. Kanunniken waren monniken die wel de beloften van trouw aan God en van kuisheid (ze mochten dus niet trouwen) afgelegd hadden, maar niet de gelofte van armoede. Ze waren rijk en meestal van adellijke afkomst. Daarna liepen we naar het Grand Hotel ‘Karel V’ aan de Springweg. Dit was het voormalige Rijks Militair Hospitaal. Hier heb ik in mijn actieve dienst ook gewerkt.
Via allerlei kleine steegjes liepen we naar het Catharijneconvent. Hier dronken we koffie en aten we taart. Heerlijk.
De wandeling ging verder langs de Oude Gracht naar de Vismarkt. Hier hoorden we dat Utrecht de stad van Sint Maarten is. En juist vier dagen voor onze wandeling (11 november) was het Sint Maartensfeest in Utrecht gevierd (en prins Carnaval 2009 gekozen).
Daarna hoorden we van Suster Bertken. De non, die zich 57 jaar lang liet inmetselen in een kluis in de Buurkerk en dat alles omdat ze geboren was. Ze had niet geboren mogen worden, want haar vader was kanunnik en had dus geen kinderen mogen hebben.
We gingen terug naar de Oude Gracht om daar in een kelder aan de werf (De Muntkelder) een heerlijke pannenkoek te eten. Na de pannenkoekenlunch liepen we verder om tenslotte te eindigen in een voormalige schuilkerk (nu Café Olivier). Hier hebben we nog wat gedronken en zijn na een poosje ieder de eigen weg gegaan.
Het was een prima dag, die om herhaling vraagt.
Jaap vroeg mij jullie te bedanken voor de leuke attentie die hij in de vorm van twee bonnen kreeg. Ze zijn prima terechtgekomen.
Janny Stoové